Als klein kind leerde ik al snel dat ik bepaalde gevoelens beter niet kon uiten. Dat het me niets bracht maar mijn leven juist bemoeilijkte. Dat het voor onveilige situaties zorgde en het pijn deed als iemand op mijn open hart trapte. Niet zozeer met de intentie om mij pijn te doen maar uit onvermogen om met eigen gevoelens om te gaan en daarmee automatisch met de mijne. Maar dat wist ik toen nog niet. Ik merkte alleen wat er gebeurde als ik die gevoelens wel liet zien. Geen troost maar eenzaamheid, geen begrip maar afwijzing, geen warmte maar afstand. Dat was een harde les als het op gevoelens tonen aankwam. Ik liet het dus wel uit mijn hoofd. En zoals alle kinderen dat doen vond ook ik een manier om te overleven. Ik bouwde een hard maar stralend pantser en niemand maar ook echt niemand wist wat zich achter dat pantser bevond. Op den duur zelfs ik niet meer.

Waar het over leiderschap gaat, gaat het ook over gevoel. Veel mensen worstelen ermee. Met wat voor hen kwetsbaar voelt. Niet bang of boos mogen zijn of verdriet laten zien. Er worden oordelen aan gekoppeld als zwak, kinderachtig, aanstellerig, dom en zelfs persoonlijk falen. Of er wordt laatdunkend gesproken van zweverig of soft. Al die negatieve overtuigingen dienen echter maar één doel en dat is dat het pantser intact blijft. Zo blijf je waardevolle delen van jezelf afsluiten en dat blijft, of je wilt of niet, aan je knagen. Geen verbinding met jezelf betekent helaas ook geen verbinding met de ander. Er worden termen gebruikt als zelfcompassie, de reis naar binnen, worden wie je bent, noem maar op. Mooie woorden én van belang, zolang het maar geen sluier werpt over wat er werkelijk voor nodig is: Moed. Onbegrensde moed om je angsten in de ogen te durven kijken. Bereid zijn om die oude, rauwe pijn van vroeger aan te raken en een plek te geven. Zodat je meer en weer gaat zien wie erachter dat pantser zit en jezelf, jouw complete zelf, ruimte gaat geven.

Ik ben blij om te zien dat steeds meer mensen die moed hebben om in de spiegel te kijken. Stap voor stap het pantser dat ze ooit hebben opgebouwd afleggen. Nieuwsgierig zijn naar wat er achter zit, zich ten volle willen ontwikkelen, de verbinding aangaan en helemaal mooi als ze met het geleerde weer andere mensen helpen bij hun groeiproces. Dat is duurzaam leiderschap in optima forma en geloof me, daar is niets maar dan ook helemaal niets softs aan.